En laten we daar eens mee beginnen: wou. Ik geloof dat het een toegestane werkwoordsvorm is, maar net als Vlamingen die 'terug' gebruiken als ze 'weer' of 'nogmaals' bedoelen zit er een smaakje aan 'wou'.
Ik kan ik me herinneren dat we vroeger een draai om ons oren kregen als mijn broer en ik vanuit de afgebrande keuken verontschuldigend meldden: "Maar we wouden alleen maar koffie voor jullie maken." Mijn ouders kennende had dat meer te maken met onze woordkeuze dan met het fait accompli.
Verder zijn we best een normale familie.
+++++
Sommige mensen willen vogels zijn omdat ze dan kunnen vliegen, maar daarvoor heb ik een bankrekening en de KLM. Ik behoor tot het legioen kattenmensen. Niet dat we na het verscheiden van ons poezenbeest vorig jaar terug weer een nieuwe 'nemen' (geen huisdieren meer, nog geen goudvis, hebben we ons voorgenomen), maar ik zou best een kat willen *zijn*.
Als je zelf een kattenmens bent hoef ik dat niet uit te leggen en als u het niet bent heeft het geen zin om uit te leggen.
+++++
Vanochtend werden we gewekt door O. die met haar plasluier vrolijk op mijn hoofd ging zitten, fanatiek DAAAA roepend en wijzend naar iets dat ik zonder lenzen in niet kon zien. Mijn telefoon gaf aan dat het tien voor acht was en dat de wekker (dus) niet was afgegaan.
Maar we hebben betaald voor dat zwembadabonnement en als we dat niet blijven doen kan O. straks niet op zwemles, want in Amsterdam kom je er alleen tussen als je je vanaf 3 maanden ieder kwartaal hebt gemeld.
Vorige week vond ze het nog best leuk, met vlindertjes (vleugeltjes?) om en dan met alle andere kindertjes spitter spetter spat en b-i-n-go-en-bingoiszijnnaam zingen.
Maar toen zat ik lekker aan de kant met wat andere moeders te klagen over hoe vroeg half negen is en dat op vrijdag en waarom niet iets later. Nu zat D. als haan in het kippenhok tussen een wandelvriendin en onze oude buurvrouw in en lag ik in het water.
Het meisje wilde GEEN vlindertjes. NIET op de drijfmat. NIKS liedjes zingen. En ZEKER niet met haar hoofd onder water. Als een aapje zat ze aan me vastgeklampt, de tranen hoog als ik het maar waagde om haar naar mijn andere heup te schuiven.
In iedere groep waarin we tot nu toe zwommen zit wel zo'n moeder. Altijd de juf claimend voor de les, met een ongetwijfeld zeer interessant verhaal over hoe ze nauwelijks kon kiezen tussen een roze en een rode handdoek vanochtend, maar gelukkig had de kleine (ieuw) ZELF een groene gepakt, hoe knap!!!
Diezelfde moeder (ze zijn inwisselbaar qua sportievig Wehkampbadpak met beugels) gaat er altijd als een speer vandoor tijdens de opdrachtjes, zodat ze als eerste kan laten zien hoe goed haar opgeblazen (en altijd meewerkende) peuter al kan spetteren. Of bellen kan blazen. Al geoefend met die brandende hoepel thuis?
De zwemjuf kan haar geen groter plezier doen dan vragen of ze iets voor wil doen voor de groep. Ze kan haar zelfvoldane grijns nauwelijks bedwingen, sleurt het kind door het water en laat het net iets langer duren dan strikt noodzakelijk.
O. sloeg nog eens op mijn hoofd en deed blwblwblub, mijn daarbij verwachtingsvol aankijkend.
Iets zegt me dat dit mijn voorland is. Zo hoorde ik laatst van het bestaan van 'klassenmoeders'. Daar kom ik die moeder vast weer tegen, terwijl ze me voordoet hoe ik anderkinds snot uit een Duploblokje zou moeten bikken.
Laatste reacties